Theelichthouders
Houders voor een waxinelichtje, van zoutsteen, seleniet, mozaïekglas of edelsteen. Het materiaal bepaalt hoe het licht eruit komt.
Zoutsteen en seleniet zijn doorschijnend: het licht komt niet alleen van boven maar gloeit door de hele wand. Bij zout is dat warm oranje, bij seleniet koel wit met een zijdeglans die langs de kristalvezels loopt. Mozaïekglas werkt anders — dat breekt het licht in gekleurde vlekken op muur en plafond.
Waar je op moet letten: laat een kaarsje nooit helemaal opbranden in een stenen houder. De laatste minuten wordt de bodem het heetst, en juist dan kan een natuursteen met een onzichtbare haarscheur bezwijken. Vervang het lichtje op tijd.
Zoutsteen trekt vocht aan; een houder die vaak brandt blijft daardoor vanzelf droog. Staat hij lang ongebruikt in een vochtige kamer, zet hem dan af en toe aan of veeg hem droog. Seleniet mag juist nooit nat worden.
Wist je dat? Een waxinelichtje brandt op een vlam van ongeveer duizend graden, maar het smeltbadje eronder blijft rond de zestig. Die scheiding is precies waarom het werkt: de vloeibare was kruipt via de lont omhoog naar de hitte, terwijl de rest koel genoeg blijft om het bakje niet te laten vervormen.