Witte salie & palo santo

Witte salie en palo santo worden niet gebrand om de geur alleen. Beide worden van oudsher gebruikt om een ruimte te "reinigen" voordat er iets nieuws begint — een gewoonte die duizenden jaren oud is.

Witte salie (Salvia apiana) groeit in Zuid-Californië en het noordwesten van Mexico. De bladeren worden gedroogd en tot een bundel gebonden; die steek je aan, blaas je uit, en laat je smeulen. De rook is dicht en kruidig.

Palo santo — "heilig hout" — komt van een boom die in Zuid-Amerika groeit. De geur ontstaat pas jaren nadat de boom vanzelf is omgevallen: pas dan hebben de harsen zich in het kernhout geconcentreerd. Vers gekapt hout ruikt nergens naar, en dat is precies waarom het oogsten van omgevallen bomen hier geen romantiek is maar noodzaak.

Praktisch: laat het smeulen boven een schaal en niet in de hand. Lucht daarna goed — de rook is dicht en blijft anders in gordijnen en textiel hangen. Beide branden veel warmer dan een wierookstokje.

Een kanttekening over herkomst: witte salie is bij sommige inheemse gemeenschappen in Noord-Amerika een gewijde plant, en de wildplukdruk is de laatste jaren fors toegenomen. Gekweekte salie is er ook en is de nettere keuze.

Wist je dat? Er zit iets van waarheid in het idee van "reinigen". Onderzoek naar het verbranden van medicinale kruiden heeft aangetoond dat de rook het aantal bacteriën in de lucht van een afgesloten ruimte fors kan terugbrengen. Dat zegt niets over de spirituele werking, maar wel dat het gebruik ergens vandaan komt.

Skip to results list

Active filters:

7 items
Column grid
Column grid

Filter

Active filters: